Hof Den Haag 3 augustus 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:2344

Klager stelt zich op het standpunt dat beklaagde zich bij herhaling schuldig heeft gemaakt aan ontoelaatbaar onderscheid op grond van geslacht door op Moederdagen in 2014 en 2015 uitsluitend aan moeders een gratis kop koffie aan te bieden. Nu niet gebleken is van strafbaar handelen als bedoeld in artikel 429quater van het Wetboek van strafrecht en ook het klaagschrift geen enkel aanknopingspunt biedt voor een redelijk vermoeden dat beklaagde zich schuldig heeft gemaakt aan strafbare discriminatie, is het beklag kennelijk ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen