Hof Den Haag 31 mei 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:1596
In hoger beroep is primair in geschil of belanghebbende recht heeft op vergoeding van proceskosten en subsidiair de hoogte van de proceskostenvergoeding, als bedoeld in artikel 8:75 van de Algemene wet Meer in bijzonder is in geschil: of sprake is van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand; of [B] gerechtigd was op te treden als gemachtigde van belanghebbende ingeval hij zijn aandelen in [A] heeft vervreemd; of de gemaakte kosten voor het inschakelen van een gemachtigde op belanghebbende 'drukken'; of is voldaan aan de dubbele redelijkheidstoets zowel met betrekking tot het inschakelen van een gemachtigde als het inschakelen van een taxateur; of het begrip samenhangende zaken mede dient te omvatten zaken waarin de bezwaarschriften nagenoeg gelijktijdig zijn ingediend en die door de Heffingsambtenaar nagenoeg gelijktijdig zijn afgedaan terwijl de behandelingen ter zitting van het desbetreffende gerecht niet nagenoeg gelijktijdig hebben plaatsgehad.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- Rb. Rotterdam 13 maart 2014, ECLI:NL:RBROT:2014:1746
- Hof 's-Hertogenbosch 12 december 2013, ECLI:NL:GHSHE:2013:6032
- HR 16 november 2012, ECLI:NL:HR:2012:BY2770
- HR 13 juli 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX0904
- HR 13 juli 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX0919
- HR 7 oktober 2011, ECLI:NL:HR:2011:BT6841
- HR 10 juni 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO5046
- HR 22 april 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT4468