Hof Den Haag 16 september 2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:2816

Tijdelijke voogdij ex art. 1:253r en 253g BW. Nu verzoeker niet is opgekomen tegen een eerdere beslissing waarbij de gecertificeerde instelling tot voogdes is benoemd over de minderjarige, heeft deze beslissing bindende kracht in de onderhavige procedure. Hierop kan niet meer worden teruggekomen. Nu voorts voor partijen duidelijk is welke vestiging van Bureau Jeugdzorg als voogdes optreedt, merkt het hof de gecertificeerde instelling, de rechtsopvolgster van Bureau Jeugdzorg Rotterdam, aan als belanghebbende in de onderhavige procedure.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken