Hof Den Haag 28 april 2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:1063

In hoger beroep is in geschil: ( a) of de Nederlandse woning kwalificeert als 'eigen woning' als bedoeld in artikel 3.111 Wet inkomstenbelasting 2001 (Wet IB 2001); ( b) bij bevestigende beantwoording van vraag a: of een bedrag van € 9.990 (primair standpunt belanghebbende), dan wel 50 percent van dit bedrag (subsidiair standpunt belanghebbende), in aanmerking dient te worden genomen als negatieve belastbare inkomsten uit eigen woning; ( c) bij ontkennende beantwoording van vraag a: of belanghebbende voldoet aan de zogenoemde Schumacker-norm; ( d) of, gelet op de beantwoording van vraag c en het arrest Renneberg (HvJ 16 oktober 2008, C-527/06), in Nederland rekening dient te worden gehouden met de in verband met de woning in het Verenigd Koninkrijk betaalde hypotheekrente (meer subsidiair standpunt belanghebbende), dan wel 50 percent daarvan (nog meer subsidiair standpunt belanghebbende).

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken