Hof Arnhem 17 augustus 2011, ECLI:NL:GHARN:2011:BS1184
Uit de stukken blijkt dat betrokkene op 29 juli 2010 beroep heeft ingesteld. De (griffie van de) rechtbank ’s-Gravenhage heeft echter verzuimd het dossier tijdig naar het gerechtshof toe te zenden. Pas op 14 juli 2011 is, na een rappel van de raadsman, het dossier bij de griffie van het hof ingekomen, hetgeen er toe heeft geleid dat het beroep ruim twaalf maanden na het instellen van het beroep is behandeld. Het hof is van oordeel dat aan een dergelijke flagrante termijnoverschrijding, die tot gevolg heeft dat het beroep inmiddels zijn betekenis (vrijwel) verloren heeft, consequenties verbonden dienen te worden, en zal om die reden de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders met onmiddellijke ingang beëindigen.
De uitspraak op rechtspraak.nl