Hof Arnhem 13 januari 2009, ECLI:NL:GHARN:2009:BH6454
Voor zover de vordering tot schadevergoeding een bedrag van € 500.000,- te boven gaat, zou zij volgens NHO moeten worden gerekend tot de in voormeld verpandingsborderel sub (b) of (c) bedoelde vorderingen. De sub (b) of (c) vermelde vorderingen zijn slechts in algemene zin omschreven. Informatie in de verpandingsakte (borderel) aan de hand waarvan, eventueel achteraf, kan worden vastgesteld om welke concrete vorderingen het gaat, ontbreekt. Voor die individualisering aan de hand van gegevens buiten deze pandakte, ook voor de hoogte van de vordering, ontbreekt iedere informatie (vgl. HR 20 juni 1996, NJ 1998, 362).Voorts geldt dat de sub (c) vermelde vorderingen vorderingen betreffen op niet in het facturenoverzicht bedoelde afnemers. Zij hebben dus niet betrekking op DGW, die immers wel wordt vermeld in dat overzicht. Aldus is de vordering tot schadevergoeding van Biocomp, voor zover zij een bedrag van € 500.000,- te boven gaat, onvoldoende bepaalbaar en niet rechtsgeldig aan NHO verpand.