Hof Arnhem 19 september 2006, ECLI:NL:GHARN:2006:AZ1911
[appellant] beroept zich op de rechtsgevolgen van de door hem bepleite uitleg van de pachtbeëindigingsovereenkomst, zodat hij de bewijslast draagt. De tekst van de pachtbeëindigingsovereenkomst is niet zodanig eenduidig dat artikel 157 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering toepassing kan vinden. Weliswaar spreekt de akte van een “netto” schadeloosstelling, maar aan dat begrip “netto” geven partijen een verschillende uitleg. [appellant] heeft bewijs aangeboden. Het hof zal hem het bewijs opdragen van feiten of omstandigheden waaruit volgt dat partijen zijn overeengekomen dat de Gemeente aan [appellant] een zodanige vergoeding voor te betalen inkomstenbelasting verschuldigd is, dat voor hem uiteindelijk een bedrag van netto ƒ 550.000,— schadeloosstelling zou resteren, en dus dat ook de steeds door hem over die vergoeding verschuldigde inkomstenbelasting voor rekening van de Gemeente zou komen.
De uitspraak op rechtspraak.nl