Hof Arnhem 13 september 2006, ECLI:NL:GHARN:2006:AY8183

Evenals de rechtbank ziet het hof in hetgeen Van Ooijen heeft aangevoerd geen onvoorziene omstandigheden die wijziging van het saneringsplan in de door Van Ooijen bedoelde zin, het nader bepalen van de looptijd van de ten aanzien van [belanghebbenden 1 en 2] van toepassing zijnde schuldsaneringsregeling op drie jaar, redelijkerwijs kunnen rechtvaardigen. Alle door Van Ooijen aangegeven en op de duur van de schuldsaneringsregeling van invloed zijnde omstandigheden waren de rechtbank reeds bekend ten tijde van het nemen van de beslissing om de looptijd te beperken tot twee jaar. Ten aanzien van [belanghebbenden 1 en 2] hebben zich gedurende de toepassing van de schuldsaneringsregeling in de boedelactiva noch in het inkomensverloop substantiële (onvoorziene) veranderingen voorgedaan.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen