Hof Arnhem 16 mei 2006, ECLI:NL:GHARN:2006:AY4948

Op [geïntimeerde], die stelt dat in 1996 een mondelinge pachtovereenkomst is gesloten, rust de bewijslast van zijn stelling. Hij heeft uitdrukkelijk bewijs aangeboden. [geïntimeerde] zal dan ook worden toegelaten tot het bewijs dat hij in 1996 met [A.] is overeengekomen dat hij het perceel aan de Haerstraat zou mogen gebruiken in zijn landbouwbedrijf voor een pachtprijs van ƒ 700,-- per jaar, alsmede dat het uitsluitende gebruik van het perceel aan de Haerstraat is overeengekomen. Tot het bewijs dat een pachtovereenkomst met voormelde inhoud is overeengekomen kan voorts bijdragen het – dan eveneens door [geïntimeerde] te leveren - bewijs dat hij in 1996 ƒ 700,-- aan [A.] heeft betaald.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen