Hof Arnhem 15 februari 2005, ECLI:NL:GHARN:2005:AS7898
Het hof is van oordeel dat [architectenbureau] recht heeft op materiële schadevergoeding wegens gederfde auteursrechtelijke licentievergoeding, nu JPO het ontwerp van [architectenbureau] zonder toestemming heeft gebruikt. Deze vergoeding is evenwel niet gelijk te stellen met het gehele honorarium waarop [architectenbureau] aanspraak zou hebben kunnen maken bij uitvoering van haar ontwerp, omdat, zoals blijkt uit artikel 75 SR 1997, in dat honorarium ook een vergoeding voor andere posten dan de eigenlijke ontwerpactiviteiten is begrepen, zoals vergoeding voor de bouwvoorbereiding en de uitvoering en oplevering. Als auteursrechtelijk relevante werkzaamheden kunnen wèl worden aangemerkt de kosten voor het voorlopig ontwerp en voor het definitief ontwerp, welke respectievelijk 12% en 20% van het architectenhonorarium uitmaken, dus tezamen 32%. Ook ziet het hof aanleiding de vergoedingsplicht van JPO met ongeveer 50% te verminderen, omdat de schade van [architectenbureau] mede een gevolg is van een omstandigheid die aan [architectenbureau] kan worden toegerekend
De uitspraak op rechtspraak.nl