Hof Arnhem 6 februari 2004, ECLI:NL:GHARN:2004:AO6651

Uit de onder 2. genoemde verordening blijkt dat de tarieven voor de eigenarenbelasting en de gebruikersbelasting exact in de verhouding 125:100 staan hetgeen in overeenstemming is het bepaalde in artikel 220g van de Gemeentewet. Dat na toepassing van deze guldenstarieven op de waardegrondslag, het naar beneden toe afronden van de guldensbedragen van de aldus berekende aanslagen en vervolgens omrekenen van guldensbedragen in eurobedragen, de uiteindelijk verschuldigde aanslagen voor de eigenarenbelasting en de gebruikersbelasting in een verhouding - zoals belanghebbende in zijn beroepschrift heeft berekend - staan van 100:125,1 (nu de guldensaanslag gebruikersbelasting iets meer naar beneden toe is afgerond dan de aanslag eigenarenbelasting) doet daaraan niet af. Immers, beslissend is of de bedoelde tarieven in de juiste verhouding zijn vastgesteld.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen