Hof Arnhem-Leeuwarden 21 april 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:2368

1. Als bestuurder een verdrijvingsvlak gebruiken. Gezien de uiterlijke verschijningsvorm en het gegeven dat de markeringen zijn aangebracht om aan te geven dat de wegen zich hier splitsen, is naar het oordeel van het hof in dit geval geen sprake van een verdrijvingsvlak, maar van een puntstuk. De gedraging kan niet worden vastgesteld. Het hof wijzigt de feitcode. 2. Proceskostenvergoeding. De grond die heeft geleid tot wijziging van de feitcode is pas voor het eerst in hoger beroep aangevoerd. Daarom wordt er geen vergoeding toegekend voor de in administratief beroep gemaakte proceskosten. De kosten van het beroep bij de kantonrechter worden wel vergoed, omdat in die procedure het bedrag van de sanctie is gewijzigd vanwege een andere grond. Het bedrag van de in hoger beroep gemaakte proceskosten wordt vermenigvuldigd met de in artikel 13a, tweede lid, aanhef en onder b, van de Wahv genoemde factor 0,1.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken