Hof Arnhem-Leeuwarden 15 april 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:2244

Rijden met een voertuig dat is voorzien van verblindende verlichting. Beide richtingaanwijzers brandden zonder onderbreking. Dat het voertuig was voorzien van verblindende verlichting kan niet worden vastgesteld. De verklaring van de ambtenaar dat het licht als verblindend kan worden ervaren is daarvoor op zichzelf onvoldoende. Het dossier bevat wel aanwijzingen dat de gevoerde verlichting niet voldeed aan de voorschriften. Een wijziging van de feitcode acht het hof in deze fase van de procedure echter niet opportuun.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken