Hof Arnhem-Leeuwarden 4 maart 2025, ECLI:NL:GHARL:2025:1327
De GI is als voogd benoemd over een kind omdat de moeder minderjarig is. De moeder vecht de plaatsing (door de voogd) van haar kind in een gezinshuis aan. De kinderrechter verklaart de moeder niet-ontvankelijk in haar verzoeken, maar het hof oordeelt dat de kinderrechter artikel 1:262b BW naar analogie had moeten toepassen. Daardoor bestaat een doorbrekingsgrond voor het appelverbod. Het hof toetst inhoudelijk en wijst de verzoeken van de moeder af.
De uitspraak op rechtspraak.nl