Hof Arnhem-Leeuwarden 14 mei 2024, ECLI:NL:GHARL:2024:3289
Geschil tussen agrarische maatschap (bestaande uit drie generaties familieleden) en een handelaar over verkoop van grond aan de handelaar. Op het koopcontract zijn de handtekeningen van de ouders door de zonen vervalst. Volgens de maten is de overeenkomst een schijnovereenkomst, slechts bedoeld om de bank enige tijd ‘op afstand te houden’. De ouders kunnen zich in dit geval jegens de koper niet met succes op vervalsing van hun handtekeningen beroepen. Ook het beroep op het schijnkarakter van de overeenkomst gaat niet op. De vordering tot levering van de grond is dan ook toewijsbaar. De vordering tot betaling van de contractuele boete niet.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- Conclusie A-G Valk 23 februari 2024, ECLI:NL:PHR:2024:203
- Rb. Midden-Nederland 27 januari 2022, ECLI:NL:RBMNE:2022:350
- HR 28 mei 2021, ECLI:NL:HR:2021:783
- HR 29 januari 2021, ECLI:NL:HR:2021:153
- HR 12 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:572
- HR 3 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:142
- HR 13 maart 2015, ECLI:NL:HR:2015:588
- HR 9 juli 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM2334
- HR 19 februari 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK7671
- HR 28 februari 1997, ECLI:NL:HR:1997:ZC2297
- HR 7 februari 1992, ECLI:NL:HR:1992:ZC0498