Hof Arnhem-Leeuwarden 12 juli 2023, ECLI:NL:GHARL:2023:5794

In het grootschalige onderzoek Egypte is een 29-jarige man veroordeeld voor een liquidatiepoging en verboden wapen- en munitiebezit in Gronau op 24 mei 2017. Aan hem is een gevangenisstraf voor de duur van dertien jaren opgelegd. De man is vrijgesproken voor het schieten op een loungebar in [plaats], op twee woningen in [plaats] en een woning in [plaats]. De opgelegde straf is feitelijk hoger dan de straf die door de eerste rechter is opgelegd, terwijl de man in hoger beroep voor minder feiten is veroordeeld. Dit heeft er mee te maken dat de rechtbank in het kader van de maximaal op te leggen straf rekening diende te houden met een eerdere veroordeling. Het hof acht voor de liquidatiepoging en het verboden wapen- en munitiebezit opnieuw een langdurige onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend en geboden, vanwege de achteloosheid en de onverschilligheid waarmee verdachte deze feiten heeft gepleegd. In de strafoplegging is verder rekening gehouden met de redelijke termijn en de inmiddels veranderde regeling voor voorwaardelijke invrijheidsstelling. De vordering tot schadevergoeding van het slachtoffer van de liquidatiepoging is toegewezen tot een bedrag van € 33.294,44. De andere benadeelde partijen konden niet in hun vordering worden ontvangen, omdat verdachte is vrijgesproken voor de feiten in het kader waarvan zij een vordering hebben ingediend.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen