Hof Arnhem-Leeuwarden 2 maart 2022, ECLI:NL:GHARL:2022:1614

Economische delicten Ontvankelijkheid en omvang van het hoger beroep Vrijspraak Verdachte is met zijn raadsman ter zitting van het hof verschenen. Aldaar heeft de verdachte desgevraagd verklaard op rechtsgeldige wijze hoger beroep te hebben willen instellen tegen het vonnis waarvan beroep. De gebreken (o.m. het ontbreken van een handtekening van de raadsman) in het door de raadsman verzonden e-mailbericht, gericht aan de strafgriffie van de rechtbank voor het instellen van hoger beroep, worden op grond van deze verklaring door het hof voor gedekt gehouden. Het hof acht verdachte in zoverre ontvankelijk in het hoger beroep. Verdachte wordt van het in hoger beroep aan de orde zijnde deel van het tlg. vrijgesproken. De voorschriften, waarmee verdachte als houder van een jachtakte in strijd zou hebben gehandeld, ontbreken bij de processtukken. Hierdoor kan het hof niet vaststellen of verdachte enig voorschrift bij die jachtakte heeft overtreden, en zo ja, welk(e) voorschrift(en).

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen