Hof Arnhem-Leeuwarden 2 februari 2021, ECLI:NL:GHARL:2021:968
Voor analoge toepassing van artikel 382 Rv teneinde het faillissementsvonnis ter herroepen, is geen plaats. De curator handelt niet onrechtmatig door het inroepen van nietigheid van rechtshandelingen indien dit in het belang van de boedel is. [C] heeft niet, conform artikel 61 Fw (oud), haar stellingen met voldoende bescheiden onderbouwd dat in de woning aangetroffen goederen tot haar vermogen behoren, waardoor aan bewijslevering niet wordt toegekomen. De boetevordering van € 6.450.000 van de curator op grond van een vaststellingsovereenkomst met [C] wordt gematigd tot € 50.000. Het hof verklaart het vonnis alsnog uitvoerbaar bij voorraad, nu niet gebleken is van een restitutierisico.
De uitspraak op rechtspraak.nl