Hof Arnhem-Leeuwarden 2 november 2020, ECLI:NL:GHARL:2020:8892

Veroordeling ter zake van overtreding van artikel 8, vijfde lid, van de Wegenverkeerswet 1994 (rijden onder invloed) tot een voorwaardelijke geldboete van € 850,00 (achthonderdvijftig euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 17 (zeventien) dagen hechtenis; en tot een voorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid motorrijtuigen te besturen van 6 (zes) maanden, met een proeftijd van twee jaren. Het hof is van oordeel dat blijkt waarom en op welke wijze het omstickeren van de bloedbuisjes volgens de gedane melding geen consequenties heeft voor de herleidbaarheid van het materiaal dat aan de verdachte is toegeschreven. Het hof is dan ook van oordeel dat er geen misverstand over kan bestaan dat het onderzochte bloed in buisje TAAF8957NL het bloed van de verdachte bevatte zoals dat op 19 oktober 2017 van de verdachte in het kader van de verdenking van het onderhavige feit is afgenomen, door het NFI is onderzocht op cannabis en daarop is positief getest. De vermelding van het zaaknummer NFI 201.10.27.081 op zowel de aanvraag als de melding Sin probleem bloedblok onderstreept dit. De 'Chain of evidence' is gesloten en van enige schending van een strikte waarborg is niet gebleken. Er is voldaan aan hetgeen in artikel 13, eerste lid, onder c en d, van het Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer is voorgeschreven. Het hof verwerpt de verweren.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen