Hof Arnhem-Leeuwarden 14 april 2020, ECLI:NL:GHARL:2020:3036
Vernietiging door curator van door curandus gesloten overeenkomst. Wederpartij van de curandus vordert vergoeding van de waarde van de door hem verrichte prestatie. Ongedaanmakingsverplichting rust slechts dan op de handelingsonbekwame als het ontvangene hem “tot werkelijk voordeel” heeft gestrekt (artikel 6. 209 BW). Handelwijze van de curandus is niet onrechtmatig.
De uitspraak op rechtspraak.nl