Hof Arnhem-Leeuwarden 4 februari 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:984

De gemachtigde van de betrokkene betwist dat op juiste wijze een sanctie op grond van de Wahv is opgelegd. De inleidende beschikking van 11 juli 2016 kan in de visie van de gemachtigde niet gelden als een beschikking waarbij ingevolge artikel 4, eerste lid, van de Wahv de sanctie wordt opgelegd. Op grond van een reeks wettelijke bepalingen, concludeert het hof dat de administratieve sanctie op de wettelijk voorgeschreven wijze is opgelegd en bekendgemaakt.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken