Hof Arnhem-Leeuwarden 27 maart 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:2762
Dwangsom. De beslistermijn wordt niet opgeschort, nu het door de officier van justitie geconstateerde ontbreken van een proces-verbaal van aangifte geen verzuim is als bedoeld in artikel 7:24, derde lid, van de Awb. Er is geen sprake van een verzuim de gronden op te geven, zodat het verlenen van een termijn voor herstel van het verzuim de beslistermijn niet opschort. De beslistermijn wordt ook niet opgeschort doordat de officier van justitie, nu de gemachtigde daarom had gevraagd, gehouden was hem een termijn te bieden voor het aanvullen van de gronden. Ook aan de verstuurde verdagingsbrief komt geen betekenis toe, nu die pas na afloop van de beslistermijn is verzonden. De officier van justitie heeft niet tijdig beslist. Het hof stelt vast dat de officier van justitie een dwangsom heeft verbeurd.
De uitspraak op rechtspraak.nl