Hof Arnhem-Leeuwarden 17 juli 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:6545
Pensioenrecht. Naar het oordeel van het hof kan de toets die DNB op grond van artikel 3:112 e.v. van de Wft dient toe te passen, er niet toe leiden dat individuele werknemers zich er jegens hun werkgever niet meer op kunnen beroepen dat hun pensioenaanspraak niet zonder hun instemming en zonder toetsing aan artikel 19 PW mocht worden gewijzigd. De wijziging van de pensioenovereenkomst als gevolg van de instemming van DNB zou een onaanvaardbare doorkruising betekenen van de beschermingsgedachte die is opgenomen in artikel 19 PW. Een werkgever kan op grond van die bepaling immers alleen dan een pensioenovereenkomst wijzigen indien hij een zodanig zwaarwegend belang heeft bij wijziging van de overeenkomst dat het belang van de werknemer daarvoor naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid moet wijken. Daarvan is in het onderhavige geval geen sprake.
De uitspraak op rechtspraak.nl