Hof Arnhem-Leeuwarden 30 mei 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:4451
Om te kunnen beoordelen of in welk land de werknemer ter uitvoering van de overeenkomst gewoonlijk zijn arbeid gewoonlijk verricht, is het noodzakelijk dat de met de desbetreffende werknemers gesloten arbeidsovereenkomsten in het geding gebracht worden. Mecra heeft ten behoeve van de ondertunneling van de A-2 te Maastricht Poolse en Portugese werknemers ter beschikking gesteld. Voor de beantwoording van de vraag of deze werknemers bescherming genieten op grond van bepalingen van Nederlands recht, waarvan niet bij overeenkomst kan worden afgeweken, omdat Nederland het land is waar de werknemers ter uitvoering van de overeenkomst gewoonlijk hun arbeid verrichten, dient het hof te beschikken over de individuele arbeidsovereenkomsten met deze werknemers en te worden ingelicht over de omstandigheden die de werkzaamheid van de individuele werknemers kenmerken en over de het arbeidsverleden van de betreffende werknemers direct voorafgaand en aansluitend aan de door hen verrichte werkzaamheden aan het A2-project. De zaak wordt daartoe verwezen naar de rol.
De uitspraak op rechtspraak.nl