Hof Arnhem-Leeuwarden 30 november 2015, ECLI:NL:GHARL:2015:9019

Dwangsom. Snelheidsmeting. Een verzoek aan de officier van justitie om zijn beslissing op het administratief beroep te heroverwegen, is geen aanvraag om een beschikking als bedoeld in 1:3 jo. 4:17 Awb, maar een verzoek om gebruik te maken van een ambtshalve bevoegdheid. Gevolgen? Niet tijdig reageren op dit verzoek kan niet leiden tot verbeurte van een dwangsom. De reactie van de officier van justitie op het verzoek is een mededeling van feitelijke aard waartegen ingevolge de WAHV geen rechtsmiddel openstaat. Uit een oogpunt van concentratie van rechtsmacht dient de kantonrechter erover te oordelen in de WAHV-procedure. De officier van justitie is niet bevoegd te beslissen op een bezwaarschrift van de betrokkene dat is gericht tegen de reactie van de officier van justitie op het verzoek. Dit bezwaarschrift moet worden doorgezonden naar de kantonrechter die over het WAHV-beroep moet oordelen. Het niet tijdig beslissen op dit bezwaarschrift door de officier van justitie kan daarom ook niet leiden tot verbeurte van een dwangsom. Het hof verwerpt het verweer van de betrokkene dat de snelheidsmeting niet betrouwbaar is omdat de verbalisant onvoldoende deskundig zou zijn om met het gebruikte meetmiddel te werken.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen