Hof Arnhem-Leeuwarden 1 september 2015, ECLI:NL:GHARL:2015:6441
Geschil tussen NHL en groep ICT-specialisten/ oud-studenten over een samenwerkingsovereenkomst, die heeft bestaan tussen 1999 en 2001, met name over de boeteclausule in die samenwerkingsovereenkomst. Na het sluiten van de overeenkomst is de vennootschap van de ICT-specialisten omgezet in een holdingstructuur. De vraag is welke vennootschap nadien nog rechten kan ontlenen aan de boeteclausule. Het hof oordeelt dat niet als gevolg van de vennootschapsrechtelijke constructie één der vennootschappen boeten kan vorderen en één schadevergoeding. Artikel 6:92 BW staat daaraan in de weg. De vraag of boeten zijn verbeurt leent zich voorts niet voor verwijzing naar de schadestaatprocedure. Het hof legt de boeteclausule verder beperkter uit dan de rechtbank, zodat het hof per saldo een bedrag van ruim 22.000 euro toewijst, waar de rechtbank tot bijna € 1.5 miljoen aan door de NHL te betalen boeten kwam.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 150 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 154 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 612 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 843a Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 2:8 BW2
- Artikel 2:9 BW2
- Artikel 2:204a BW2
- Artikel 6:74 BW6
- Artikel 6:89 BW6
- Artikel 6:92 BW6
- Artikel 6:93 BW6
- Artikel 6:159 BW6
Aangehaalde uitspraken
- Hof Arnhem-Leeuwarden 7 april 2015, ECLI:NL:GHARL:2015:2517
- HR 5 september 2008, ECLI:NL:HR:2008:BD3127
- HR 22 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA4122
- HR 23 maart 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ3531
- HR 5 maart 2004, ECLI:NL:HR:2004:AN9687
- HR 23 maart 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB0700
- HR 2 december 1994, ECLI:NL:HR:1994:ZC1564