Hof Arnhem-Leeuwarden 5 november 2014, ECLI:NL:GHARL:2014:8499

Niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie in de vervolging van verdachte ter zake van overtreding van artikel 8 van de Wegenverkeerswet 1994. Naar aanleiding van de schriftelijke mededeling van genoemde overtreding heeft het CBR het aan verdachte afgegeven rijbewijs B ongeldig verklaard en aan verdachte de bestuursrechtelijke maatregel van het alcoholslot opgelegd. Het hof zal, op grond van jurisprudentie van de Hoge Raad, artikel 68 Sr interpreteren in het licht van (de rechtstreeks werkende bepaling van) artikel 50 EU-Handvest. Het hof beschouwt, met inachtneming van Europeesrechtelijke jurisprudentie, de aan verdachte opgelegde maatregel van ongeldigverklaring van het rijbewijs B, gelet op de zwaarte daarvan, als een 'criminal charge'. Gelet hierop moet de ongeldigverklaring van het rijbewijs B worden aangemerkt als een eerdere onherroepelijke strafrechtelijke sanctie in de zin van artikel 50 van het EU-handvest en verzet artikel 68 van het Wetboek van Strafrecht, in het licht van artikel 50 van het EU-handvest, zich tegen vervolging van verdachte voor het feit dat hem is ten laste gelegd. Bevestiging vonnis, met aanvulling van gronden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken