Hof Amsterdam 9 december 2025, ECLI:NL:GHAMS:2025:3303

Het gaat in deze zaak om de vraag of werkgever de arbeidsovereenkomst met werknemer rechtsgeldig op grond van dwaling buitengerechtelijk mocht vernietigen. Het hof oordeelt dat werkgever, op wie ter zake de stelplicht en bewijslast rusten, onvoldoende heeft onderbouwd dat werknemer mededeling had behoren te doen aan werkgever omdat hij bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst beschikte over informatie omtrent zijn gezondheid, op grond waarvan hij wist of behoorde te weten dat deze hem ingrijpend en langdurig zou belemmeren in de uitoefening van de functie van monteur. Het beroep op dwaling slaagt ook niet in hoger beroep. Het hof concludeert dat werkgever de arbeidsovereenkomst met werknemer niet buitengerechtelijk mocht vernietigen

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken