Hof Amsterdam 12 december 2023, ECLI:NL:GHAMS:2023:3111
Beroepsaansprakelijkheid advocaat; schade als gevolg van beroepsfout tijdens procedure; vordering van derde onherroepelijk in rechte vastgesteld. Bij de beoordeling of de door appellante gevorderde schade - die gerelateerd is aan de vordering van een derde op haar - voor vergoeding in aanmerking komt, is van belang dat sprake moet zijn van feitelijk nadeel. Bepalend is op welke wijze het gestelde geleden nadeel aan het vermogen van appellante kan worden gerelateerd. Hierbij gaat het niet om vermogen als het geheel van rechten en verplichtingen, maar om vermogen in feitelijk-economische zin. Naar het oordeel van het hof houdt de onherroepelijke vaststelling dat derde een vordering heeft op appellante niet zonder meer in dat de in dit kader door appellante gevorderde schade voor vergoeding in aanmerking komt. Het is in de omstandigheden van het geval niet aannemelijk dat appellante ooit haar schuld aan de derde zal voldoen. Bij deze stand van zaken kan de gevorderde schade die is gerelateerd aan de vordering van de derde niet worden toegewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl