Hof Amsterdam 4 februari 2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:245
Onrechtmatige daad. Kabelschade door graafwerkzaamheden. Bij de beoordeling van de zorgplicht van de grondroerder moet in beginsel worden aangesloten bij de Richtlijn Zorgvuldig Graafproces . Voor de bepaling van het gebied waarin leidingen gelokaliseerd moet worden, het zogenaamde 'zoekgebied', wordt daarin uitgegaan van het zogenaamde “graafprofiel”. Dit is het gebied waarin daadwerkelijk grond wordt geroerd. Leidingen die volgens tekening daarbinnen of in een zone van 1,50 meter eromheen liggen, moeten hoe dan ook worden gelokaliseerd en wel zodanig dat de precieze ligging daarvan wordt vastgesteld. Dit vergt dat Mouwrik, los van de ontvangen gegevens op basis van de graafmelding, in ieder geval een behoorlijk en gedegen onderzoek diende te doen naar de feitelijke ligging van de kabel in het graafprofiel. De opvatting van Mouwrik dat die onderzoeksplicht tot lokaliseren gezien de fasering van het werk (eerst heien en dan open ontgraven) dan wel de diepte tot waarop wordt gewerkt, kan worden beperkt tot afzonderlijke onderdelen van de totale werkzaamheden, en dus tot, zoals in dit geval, de directe locatie van de in het graafprofiel aan te brengen funderingspaal, moet van de hand worden gewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl