Hof Amsterdam 24 september 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:3555
De Ondernemingskamer acht de vordering van C om W te veroordelen de certificaten die C houdt in W over te nemen, toewijsbaar. Voor de beantwoording van de vraag welke prijs voor de certificaten moet worden betaald, zal de Ondernemingskamer op de voet van artikel 2:343 jo. artikel 339 BW een deskundige benoemen om daarover een schriftelijk bericht uit te brengen. Aan de deskundige zal de vraag worden voorgelegd welke waarde aan alle aandelen in W moet worden toegekend, per de datum van dit tussenarrest dan wel een zo dicht mogelijk daarbij liggende door de deskundige vast te stellen voor de hand liggende andere datum. De Ondernemingskamer zal de kosten van het voorschot voor de deskundige ten laste brengen van W.
De uitspraak op rechtspraak.nl