Hof Amsterdam 11 juni 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:2306
Klacht tegen een gerechtsdeurwaarder. Klachten (onder andere): a) De gerechtsdeurwaarder heeft in het kader van het vaststellen van de beslagvrije voet nagelaten te informeren naar haar inkomsten en leefomstandigheden. e) De gerechtsdeurwaarder heeft klaagster willen misleiden met een aanbod tot finale kwijting. f) De gerechtsdeurwaarder heeft ten onrechte beslag gelegd op het vakantiegeld van klaagster. h) De gerechtsdeurwaarder heeft niet volgens de wet gehandeld. De kamer heeft klachtonderdelen e., f. en h. ongegrond verklaard en klachtonderdeel a. gegrond. Het hof verklaart klachtonderdeel a. ongegrond, klachtonderdeel f. gegrond en klachtonderdelen e. en h. ongegrond. Maatregel van berisping. Geen vergoeding griffierecht, geen kostenveroordeling.
De uitspraak op rechtspraak.nl