Hof Amsterdam 28 juni 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:2601
Douanerecht. - is het beginsel van eerbiediging van de rechten van de verdediging geschonden en zo ja, dient dit te leiden tot vernietiging van de utb’s? - heeft de inspecteur voldaan aan de op de voet van artikel 7:4 Awb en artikel 8:42 Awb op hem rustende verplichting om alle op de zaak betrekking hebbende stukken ter inzage te verstrekken, respectievelijk over te leggen en, zo niet, welke consequenties dienen hieraan te worden verbonden? - is belanghebbende terecht aangemerkt als aangever en daarmee als douaneschuldenaar? - heeft de inspecteur de preferentiële oorsprong terecht gecorrigeerd? - heeft de inspecteur de aangegeven douanewaarde terecht en op juiste wijze gecorrigeerd? - is artikel 181bis van de Toepassingsverordening Communautair Douanewetboek van toepassing? - is de verlengde navorderingstermijn van toepassing? - had boeking achteraf achterwege moeten blijven, omdat de voorwaarden van artikel 220, tweede lid, aanhef en onder b, van het CDW zijn vervuld? - dient navordering achterwege te blijven wegens schending van algemene beginselen van behoorlijk bestuur?
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- HR 4 mei 2018, ECLI:NL:HR:2018:672
- Hof Amsterdam 31 oktober 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:4618
- HR 10 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:384
- HR 19 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:252
- HR 4 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3467
- Rb. Noord-Holland 16 april 2015, ECLI:NL:RBNHO:2015:3028
- HR 13 maart 2015, ECLI:NL:HR:2015:550
- HR 12 juli 2013, ECLI:NL:HR:2013:29
- HR 12 september 2008, ECLI:NL:HR:2008:AZ6888
- HR 25 april 2008, ECLI:NL:HR:2008:BA3823
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2006:162
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2007:612
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2014:2041
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2017:778