Hof Amsterdam 9 augustus 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:3242

Prejudiciële vraag (art 392 Rv), effectenleaseovereenkomst, ontbinding overeenkomst, verschuldigdheid resterende termijnen op grond van art. 6 Bijzondere voorwaarden. De aan de Hoge Raad voorgelegde vragen zijn: 1. is art. 6 Bijzondere voorwaarden in samenhang met art. 15 Bijzondere voorwaarden en gelet op de wettelijke regeling van huurkoop, de aard van de goederen, de omstandigheden rondom de sluiting van de overeenkomst en de omstandigheid dat gedurende de looptijd niet wordt afgelost op het aankoopbedrag, een beding dat op grond van Richtlijn 93/13 als oneerlijk moet worden beschouwd?; 2. maakt het voor de beantwoording van de eerste vraag uit of de verplichtingen uit de overeenkomst naar redelijke verwachting een onaanvaardbaar zware financiële last op de afnemer legden? Zie tussenarresten ECLI:NL:GHAMS:2014:4081 en ECLI:NL:GHAMS:2015:5241.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken