Hof Amsterdam 28 april 2011, ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ2981

Journalist vervolgd voor plegen strafbare feiten in kader uitzendingen “Undercover in Nederland”. Openbaar ministerie niet gehandeld in strijd met eigen beleidsregels. Verweer niet-ontvankelijkheid verworpen. Hof acht een veroordeling van de verdachte een beperking van het recht op vrije meningsuiting en nieuwsgaring die niet noodzakelijk is in een democratische samenleving. Dit dient ertoe te leiden dat de artikelen 225 en 461 van het Wetboek van Strafrecht op grond van artikel 94 Grondwet buiten toepassing moeten blijven en de verdachte moet worden ontslagen van alle rechtsvervolging ten aanzien van vier feiten. Wel veroordeling ten aanzien van het voorhanden hebben van een valse pas enige tijd na de uitzendingen, nu dit onzorgvuldig was en niet langer proportioneel ten opzichte van het gestelde maatschappelijk belang. De verdachte kan zich ten aanzien van dit feit niet beroepen op de bescherming van artikel 10 EVRM.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen