Hof Amsterdam 8 juli 2010, ECLI:NL:GHAMS:2010:BN2553
Het bij de verkoop van de grond behaalde voordeel valt onder de landbouwvrijstelling. Belanghebbende - op wie in deze de bewijslast rust - heeft met de door hem aangevoerde feiten en omstandigheden aannemelijk gemaakt dat het verschil tussen de van de koper ontvangen koopprijs en de boekwaarde geheel is toe te rekenen aan de ontwikkeling van de WEVAB. De stelling van de inspecteur dat bij de toepassing van de landbouwvrijstelling dient te worden uitgegaan van de formele planologische bestemming van de grond vindt geen steun in de tekst van de wet en evenmin in haar ontstaansgeschiedenis.
De uitspraak op rechtspraak.nl