Hof Amsterdam 22 juli 2010, ECLI:NL:GHAMS:2010:BN2057

De inspecteur heeft niet in strijd gehandeld met het Convenant, het BRV, het BWRV, dan wel - bezien in onderling verband - op door belanghebbende aan (de toepassing van) het Convenant, het BRV en het BWRV, te ontlenen in rechte te beschermen vertrouwen, door het doteren aan de administratiekostenreserve (hierna: AKR) met ingang van het jaar 2004 niet meer toe te staan. Daarnaast heeft de inspecteur door vanaf 1 januari 2004 geen dotaties meer toe te staan niet onredelijk gehandeld bij de beëindiging van zijn gedragslijn om de AKR te aanvaarden. Voorts acht het Hof de vorming van een AKR op grond van goed koopmansgebruik niet toegestaan, nu belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt dat de kosten waarop de vorming van de AKR betrekking heeft binnen haar bedrijfsactiviteiten in voldoende mate bepaalbaar zijn.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen