Hof Amsterdam 18 februari 2010, ECLI:NL:GHAMS:2010:BL7575

Belanghebbende, die een abattoir exploiteert, heeft de door het waterschap in de meetbeschikking gestelde voorwaarden niet nageleefd. Het Hof verwerpt de stelling van belanghebbende dat dit het gevolg was van overmacht, alsmede haar stelling dat de heffingsambtenaar het vertrouwen heeft gewekt dat zij met minder dan het voorgeschreven aantal analyseresultaten mocht volstaan. De heffingsambtenaar heeft de ontbrekende gegevens naar redelijkheid geschat op basis van alle hem ter beschikking staande analyseresultaten, waarbij hij ook gebruik mocht maken van de resultaten die volgens belanghebbende niet representatief waren. Omdat de zuiveringsinstallatie van belanghebbende in het betreffende jaar slechter functioneerde dan in het voorgaande en het volgende jaar, zijn de voor die beide jaren in aanmerking genomen vervuilingswaarden niet van belang. Het Hof verwerpt de stelling van belanghebbende dat de vervuilingswaarde mag worden berekend met behulp van de tabel afvalwatercoëfficiënten.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen