Hof Amsterdam 2 maart 2009, ECLI:NL:GHAMS:2009:BH6147
Niet meer in geschil is dat materieel aan de vereisten voor toepassing van de deelnemingsvrijstelling in Portugal is voldaan. Tevens staat vast dat feitelijk de deelnemingsvrijstelling is toegepast. Gelet op het vorenoverwogene en gezien de ten tijde van de dividenduitkering van toepassing zijnde Portugese wettelijke bepalingen, waarin een woonplaatsverklaring geen wettelijke voorwaarde voor toepassing van de vrijstelling is, heeft het Hof geen enkele reden eraan te twijfelen of belanghebbende zich ook formeel op toepassing van de deelnemingsvrijstelling kon beroepen. Nu in Portugal de deelnemingsvrijstelling van toepassing was op het aan belanghebbende uitgekeerde dividend, is er geen sprake van dat de gevolgen van de inhouding van Nederlandse dividendbelasting worden geneutraliseerd. Blijkens het arrest van het Hof van Justitie was de inhouding van dividendbelasting dan in strijd met de artikelen 56 en 58 van het EG-Verdrag.
De uitspraak op rechtspraak.nl