Hof Amsterdam 6 augustus 2008, ECLI:NL:GHAMS:2008:BD9862
Belanghebbende heeft een bedrijf overgenomen. Bij de overdracht van goederen is een partij retentiegoederen achtergebleven. De douane constateert bij een latere controle een vermis en reikt een utb uit. Belanghebbende heeft een herberekening opgesteld. Ter zitting stemt de inspecteur met deze herberekening in. De Douanekamer volgt partijen. Naar het oordeel van de Douanekamer rechtvaardigt de feitelijke situatie zoals die uit het geheel van de contacten die partijen met elkaar hebben gehad met betrekking tot de goederen die zij als retentiegoederen hebben aangeduid, bezien tegen de achtergrond van de jurisprudentie van het Hof van Justitie, niet de conclusie dat die goederen aan het toezicht van de Douane zijn onttrokken, in de zin van artikel 203, eerste lid van het CDW. Beroep gegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl