Hof Amsterdam 10 januari 2008, ECLI:NL:GHAMS:2008:BC2055

Klager twijfelt eraan of de gerechtsdeurwaarder op de juiste wijze de verdeelkosten in rekening heeft gebracht. In feite is dat een zaak van de schuldenaar, omdat bij iedere afdracht van de derde de verdeelkosten (als eerste) ten laste van de schuldenaar worden gebracht. Anderzijds heeft ook de beslaglegger er belang bij om te controleren of de gerechtsdeurwaarder de juiste verdeelkosten in rekening brengt. Hoe hoger immers de verdeelkosten, hoe lager het onder de beslagleggers te verdelen bedrag. Het gaat echter te ver om – zoals klager doet - van de gerechtsdeurwaarder te verlangen dat hij bij iedere afrekening aan alle beslagleggers inzage verstrekt van de bruto ontvangen bedragen, de ten laste van schuldenaar gebrachte verdeelkosten en het netto bedrag dat resteert om verdeeld te worden. Wel mag echter van de gerechtsdeurwaarder worden verlangd dat hij aan de individuele beslaglegger nadere informatie verstrekt, indien deze daarom vraagt. Die werkzaamheden moeten worden beschouwd als verdere executie van de opbrengst en werkzaamheden met betrekking tot de uitkering van de netto opbrengst aan de executant. Volgens de toelichting op artikel 3 van het BTAG houdt het schuldenaarstarief op dit onderdeel onder meer voor die werkzaamheden een vergoeding in. De gerechtsdeurwaarder zal deze informatie dus kosteloos aan de beslaglegger dienen te verstrekken. Op dit punt is het eerste klachtonderdeel gegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen