Hof Amsterdam 13 september 2007, ECLI:NL:GHAMS:2007:BB4569
Het behoort tot de rol van de notaris de belangen van alle bij de rechtshandeling betrokken partijen op onpartijdige wijze te behartigen, waaronder tevens begrepen het verstrekken aan hen van de juiste informatie om zoveel mogelijk te voorkomen dat partijen of een van hen voor verrassingen komen of komt te staan. Het hof is van oordeel dat de notaris, ter vervulling van die rol, gehouden was om voor zichzelf duidelijkheid te verkrijgen omtrent het verschil in koopsommen in relatie tot het verschil in omvang van het registergoed waarop die koopsommen betrekking hebben en vervolgens zo nodig de koper uitdrukkelijk op de verschillen te wijzen. Hieraan doet niet af dat in dit geval de gemeente de kopende partij was. Nu de notarissen hebben nagelaten een dergelijk onderzoek in te stellen hebben zij onjuist gehandeld en is de klacht gegrond. Het hof van oordeel dat destijds – in het tijdperk vóór het telebankieren – een notaris voorafgaand aan het passeren van de akte mocht afgaan op de telefonische bevestiging van de eigen bankier dat de gelden waren overgemaakt op een notariële derdenrekening. Echter in het onderhavige geval zijn de notarissen afgegaan op de verklaring van de X Bank, niet zijnde hun eigen bankier. Dit is onjuist. Buiten het opvragen van het uittreksel uit het Handelsregister had het op de weg van de notarissen gelegen en behoorde het ook tot hun verantwoordelijkheid om nader te (doen) onderzoeken of het faillissement van [naam] dat de curator vertegenwoordigingsbevoegd was. Nu zij dit hebben nagelaten hebben zij in deze klachtwaardig gehandeld.
De uitspraak op rechtspraak.nl