Hof Amsterdam 6 oktober 2006, ECLI:NL:GHAMS:2006:AZ1985
Het besluit tot beëindiging van de werkzaamheden van de onderneming van Philips Lighting B.V. te Weert is niet kennelijk onredelijk. Ook al zijn aanmerkingen te maken over de wijze waarop de ondernemer is omgegaan met zijn mededelingsplicht als bedoeld in artikel 24 lid 1 WOR, niet kan worden gezegd dat het advies niet op een zodanig tijdstip is gevraagd dat het nog van wezenlijke invloed kan zijn. Van zodanige invloed is ook daadwerkelijk sprake geweest. De gegeven toelichting kan voorts het besluit dragen. Voorzover al op inhoudelijk vlak bezwaren tegen het besluit zijn aangevoerd, hebben deze betrekking op de gevolgen van het besluit. Op dat punt is de ondernemer de ondernemingsraad tegemoet gekomen. (WOR art. 24 lid 1, 26 lid 4)
De uitspraak op rechtspraak.nl