Hof Amsterdam 6 januari 2005, ECLI:NL:GHAMS:2005:AR8831
Uitspraak inzake Koninklijke Ahold N.V. De Ondernemingskamer heeft hedenochtend in het openbaar uitspraak gedaan op het verzoek van de Vereniging van Effectenbezitters en verschillende houders van aandelen tot het instellen van een onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Koninklijke Ahold N.V. te Zaandam. De Ondernemingskamer heeft een onderzoek bevolen naar drie onderwerpen van het beleid en de gang van zaken van Ahold. Deze betreffen - kort gezegd - (i) de consolidatie van deelnemingen, (ii) de acquisitie van USF en het toezicht op de verbetering van de interne controlesystemen van USF, en (iii) het toezicht van Ahold op de werkmaatschappijen voorzover betrekking hebbend op de interne controle van die maatschappijen en de rapportering daarover aan Ahold. De Ondernemingskamer zal een onderzoekscommissie samenstellen bestaande uit drie personen, die zij nader bekend zal maken. De betrokken advocaten van VEB c.s. zijn: mr. J.H. Lemstra en mr. J.W.H. van Wijk (Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn). De advocaten van Ahold zijn: mr. R.M. Hermans, mr. B. Winters en mr. P.N. Ploeger (De Brauw Blackstone Westbroek N.V.). De beschikking van de Ondernemingskamer wordt zo spoedig mogelijk geplaatst op de website [naam website]. Bij opening van die website wordt u automatisch doorverbonden naar de website van de Rechtspraak, waar de uitspraak te vinden is onder de link "Actualiteiten".
De uitspraak op rechtspraak.nl