Hof Amsterdam 29 april 2004, ECLI:NL:GHAMS:2004:AP8379
Het Hof is van oordeel dat de beoefening van een sport en het lidmaatschap van een sportvereniging in het algemeen tot de privé-sfeer behoren. De omstandigheid dat in het onderhavige geval de beoefening van de sport - mede - op aandringen van de onderscheiden werkgevers in het kader van de door hen gewenste relatiemarketing plaatsvindt, is naar het oordeel van het Hof geen reden om aan te nemen dat dit hier anders is.
De uitspraak op rechtspraak.nl