Hof Amsterdam 19 februari 2004, ECLI:NL:GHAMS:2004:AO5345
Naar het oordeel van de Douanekamer heeft de inspecteur de verhuisboedelvrijstelling voor zowel de personenauto als voor de overige goederen terecht heeft geweigerd. Dat belanghebbende vanwege een slechte fysieke gesteldheid niet in staat was om te regelen dat de goederen binnen de bedoelde termijn werden overgebracht en aangegeven, is niet aannemelijk gemaakt. Dat het vanwege haar slechte financiële positie niet mogelijk was de goederen eerder naar Nederland te laten overbrengen, vormt naar het oordeel van de Douanekamer geen bijzondere omstandigheid in de zin van artikel 6 van de Verordening Douanevrijstellingen; een dergelijke situatie blijft voor risico van belanghebbende.
De uitspraak op rechtspraak.nl