Hof Amsterdam 26 juni 2002, ECLI:NL:GHAMS:2002:AE7044
Het bewezenverklaarde levert de volgende misdrijven op: deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven; medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2, eerste lid onder C, van de Opiumwet gegeven verbod; medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2, eerste lid onder A van de Opiumwet gegeven verbod enmedeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2, eerste lid onder C, van de Opiumwet gegeven verbod; medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2, eerste lid onder A van de Opiumwet gegeven verbod; medeplegen van opzettelijk een in artikel 5 van de Wet op de accijns opgenomen verbod overtreden; handelen in strijd met artikel 26, eerste lid van de Wet wapens en munitie. 7 jaar gevangenisstraf.
De uitspraak op rechtspraak.nl