Hof Amsterdam 11 september 2001, ECLI:NL:GHAMS:2001:AD4473

Het geschil betreft aftrek van de kosten van een werkruimte in de gehuurde woning van de ondernemer. Belanghebbende stelt dat een ongeoorloofd onderscheid wordt gemaakt tussen enerzijds ondernemers die de woning waarin zij voor hun onderneming gebruik maken van een werkruimte, rekenen tot hun ondernemingsvermogen en anderzijds ondernemers die een dergelijke woning niet tot hun ondernemingsvermogen kunnen rekenen, omdat zij deze woning huren. De wetgever heeft beoogd op een pragmatische wijze een beperking aan te brengen in de aftrekbaarheid van gemengde kosten.Dit vormt een objectieve en redelijke rechtvaardiging voor de ongelijke behandeling van gelijke gevallen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen