CRvB 8 mei 2025, ECLI:NL:CRVB:2025:780
Het zorgkantoor is bij de berekening van het persoonsgebonden budget van appellant over de jaren 2023 en 2024 is uitgegaan van een onredelijk uurtarief. Met appellant is de Raad van mening dat het niet redelijk is om vijf jaar later, in 2023, nog steeds van hetzelfde tarief uit te gaan. De verwijzing door het zorgkantoor naar een website waaruit blijkt dat een regulier uurtarief voor een ZZP’er in de zorg (begeleider niveau 3-4) tussen de € 35 tot € 40,- ligt, is ook onvoldoende om ervan te kunnen uitgaan dat € 35,- een redelijk uurtarief is. De Raad voorziet zelf in de zaak door het besluit van 1 februari 2018 te herroepen en te bepalen dat het zorgkantoor appellant een pgb dient te verlenen van € 242.224,95 voor 2023 en € 257.865,30 voor 2024. Proceskostenveroordeling.
De uitspraak op rechtspraak.nl