CRvB 1 oktober 2025, ECLI:NL:CRVB:2025:1791
Aanvraag WIA-uitkering. Het Uwv stelde de WIA-beoordeling uit vanwege een loonsanctie aan de ex-werkgever. Nadat appellante aanvankelijk had aangegeven geen WIA-beoordeling te willen, verzocht zij in maart 2021 alsnog om een beslissing. Het Uwv besloot pas in maart 2023, waardoor de beslistermijn ruimschoots werd overschreden. De Raad is van oordeel dat het Uwv ten onrechte heeft geoordeeld dat geen dwangsom verschuldigd was en dat de rechtbank het besluit van 16 maart 2023 onjuist heeft meegenomen in haar beoordeling. De Raad verwijst daarom de beoordeling van dit besluit terug naar het Uwv.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 611c Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 611g Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 76a ZW
- Artikel 1:3 Awb
- Artikel 4:17 Awb
- Artikel 6:19 Awb
- Artikel 6:20 Awb
- Artikel 7:1a Awb
- Artikel 7:15 Awb
- Artikel 8:55c Awb
- Artikel 8:108 Awb
- Artikel 3:1 Wazo
- Artikel 25 WIA
- Artikel 64 WIA
- Artikel 102 WIA